Wil je een programma inrichten, dan helpt deze gids je bij het opbouwen ervan in eJournal. Een programma bestaat uit cursussen die zijn opgebouwd uit onderdelen die verderop op deze pagina worden besproken. Het kan overweldigend zijn om een heel programma vanaf nul op te bouwen; deze pagina belicht daarom alle belangrijke aspecten waar je bij het ontwerpen rekening mee moet houden.

De hiërarchie van hoog naar laag (met de nummers 1-4 in de afbeelding) ziet er als volgt uit: het programma, dus de school, faculteit of opleiding, staat op het hoogste niveau. Daaronder komt de 'Cursus', een verzameling samenhangende onderwijseenheden, die bestaat uit 'Opdrachten' of onderwijseenheden. De 'Collectie' is een verzameling bewijsstukken die bij de onderwijseenheid of opdracht hoort. Activiteiten (niet opgenomen in de afbeelding) zijn onderdelen van een collectie.
Houd er wel rekening mee dat de hiërarchie er in het LMS iets anders uitziet: er is geen verbinding tussen het LMS en het programma, waardoor dat niveau wordt overgeslagen en het LMS direct met een cursus verbindt.
Organisatorische hiërarchie genoteerd
Daarvóór moet er overeenstemming zijn over de leerdoelen van elke cursus.
Om cursussen op programmaniveau in te richten, moet je de gemeenschappelijke leerdoelen van de verschillende onderdelen vastleggen. Leerdoelen heten ook wel categorieën: kerncompetenties van een cursus, opdracht of opleiding waar een student naartoe werkt en die hij wil beheersen.
Wordt een categorie in eJournal gedeeld tussen meerdere opdrachten van slechts één cursus, dan moet je die op cursusniveau vastleggen. Zijn er meer categorieën die in meer dan één cursus voorkomen, dan moet je die op programmaniveau aanmaken. Dat is essentieel, zodat het resultaat en de voortgang van bepaalde categorieën uit verschillende cursussen allemaal op programmaniveau zichtbaar worden (bijvoorbeeld op het programmadashboard).
Je kunt categorieën op programma- of cursusniveau altijd aan het opdrachtniveau koppelen, zodat je ze bij de activiteiten en rubrics van de betreffende collectie kunt gebruiken.
Importeer of kopieer je een categorie, dan is die niet meer gekoppeld aan de oorspronkelijke categorie maar wordt het een aparte categorie. Wil je dus dezelfde categorie in meerdere opdrachten gebruiken, zorg er dan voor dat je ze koppelt.
Je kunt categorieën gebruiken om feedback of een beoordeling te geven, en de student kan er ondersteunende documenten aan competenties koppelen. Dat kan ook door een beoordelingsschema en/of rubrics aan de categorie te koppelen. Leerdoelen vormen de ruggengraat van een opdracht of cursus en wijzen studenten de weg naar de vaardigheden die zij moeten ontwikkelen.
Leerdoel vastgelegd
Een opdracht is een onderwijseenheid waarin ingeschreven studenten dezelfde activiteiten volgen en naar vergelijkbare leerdoelen toewerken. Er zijn verschillende dingen om rekening mee te houden bij het ontwerpen van een opdracht. Eén opdracht kan uit meerdere activiteiten bestaan.
Opdracht ontworpen
Ben je benieuwd hoe het programma, de cursus of de opdracht die je hebt ingericht er voor een student uitziet, dan kun je dat testen. Het tabblad voor de studentweergave is beschikbaar in het LMS om te bekijken hoe een cursus of opdracht eruitziet. Dat kan nuttig zijn, zeker wanneer je experimenteert met het toevoegen en ontwerpen van nieuw materiaal.
Studentperspectief bekeken
Je kunt een opdracht aanmaken als individuele opdracht of als groepsopdracht, maar niet als beide. Je kunt ook vaste activiteiten toevoegen, zoals een entrydeadline, een zelfreflectie of peerfeedback.
Let op: deadlines gelden voor iedereen binnen de opdracht. Het is dus lastig wanneer verschillende cohorten op verschillende momenten aan een opdracht deelnemen. In plaats van de opdracht te hergebruiken, kun je hem beter kopiëren en opnieuw opzetten om complicaties te voorkomen.
Afhankelijk van het gewenste beoordelingsresultaat kan het nodig zijn een opdracht in meerdere opdrachten te splitsen. Dat doe je door activiteiten te groeperen en ze naar een nieuwe opdracht af te splitsen wanneer er een onderdeel is dat officieel beoordeeld moet worden.
Alleen het eindresultaat van één opdracht wordt met het LMS gedeeld; tussentijdse cijfers die tijdens de feedbackcyclus worden gegeven, niet.
Afzonderlijke activiteiten binnen de opdracht kunnen nog steeds feedback krijgen, maar alleen het totaalcijfer van de hele opdracht wordt in het LMS geregistreerd. Vergeet niet de categorieën die je eerder hebt vastgelegd in te schakelen, zodat je ze in je feedback- en beoordelingsproces kunt gebruiken en aan activiteiten kunt koppelen.
Maak een of meer opdrachten aan
Nu je weet hoe je een opdracht aanmaakt, is het handig om te leren hoe je dit proces voor je volgende opdracht efficiënter maakt. In eJournal kun je bouwstenen in een andere opdracht hergebruiken om het aanmaken van een nieuwe opdracht makkelijker te maken. Je kunt de configuratie van een hele opdracht kopiëren (inclusief activiteiten) of ervoor kiezen alleen afzonderlijke onderdelen te hergebruiken, zoals sjablonen of een rubric. Helaas is het hergebruiken van afzonderlijke activiteiten niet mogelijk.
Bouwstenen hergebruikt
Zodra je je leerdoelen hebt vastgelegd en je opdrachten in cursussen hebt ondergebracht, kun je ze aan een LMS koppelen. Zo worden alle resultaten zowel in eJournal als in de LMS-omgeving geregistreerd.
Gebruikers en groepen worden automatisch geïmporteerd. Een docent wordt automatisch docent; dat wordt door je beheerder ingesteld.
Je cursussen/opdrachten aan het LMS gekoppeld
Andere relevante bronnen: